maandag 13 mei 2019

Dag 10 /0 op het vliegtuig naar Vancouver


Onder mij trekken de ijsbergen aan de oostkust van Groenland voorbij, vier uur na het opstijgen in Frankfurt. De weergaloze schoonheid ervan fascineert mij. Wie weet hoe lang dit prachtige schouwspel nog te bewonderen zal zijn... Hopelijk krijgen mijn kleinkinderen het ook nog te zien.
Ik werd onverwacht uitgeleide gedaan naar Zaventem door een heuse delegatie, waar ik heel erg van genoten heb.
Na een onderbreking van bijna een jaar begin ik aan de tiende etappe van mijn fietsreis. Het is spijtig dat ik vorig jaar het Japanse traject heb moeten afblazen door geruzie tussen Rusland en Japan over de Sakhalin-Hokkaido veerboot (en door een onfortuinlijke sleutelbeenbreuk), zodat Vladivostok het ongewilde eindpunt werd van etappe 9.
Na Europa, Noord-Afrika en Aziƫ gaat mijn route nu door Noord-Amerika. Deze tiende etappe omvat een noordwaarts stuk Canada-Alaska, een vijfdaagse bootreis van Alaska naar de noordwestelijke punt van de VS, en tenslotte een zuidwaarts stuk langs de westkust, hopelijk tot aan de Mexicaanse grens.
Weer een heel nieuwe wereld voor mij. De eerste 6-7 weken van Vancouver naar Anchorage beloven onherbergzaam te worden, maar wel overwegend over asfaltweg. Veel zal afhangen van regen en wind. En van de welwillendheid van de beren en ander wild (en muggen) dat ik ongetwijfeld zal tegenkomen. Ik heb er veel over gelezen en weet in theorie goed hoe ik me moet gedragen, vooral bij het kamperen.
Na thuis veel Warmshowers-fietsers onderdak te hebben gegeven het voorbije jaar is het nu weer aan mij om waar mogelijk (en dat is niet zo vaak) onderdak te vragen. In Vancouver en na de eerste drie fietsdagen is het alvast gelukt, daarna veel minder omdat de bewoning heel snel afneemt en de afstanden tussen woonkernen enorm worden. Improvisatie zal er dikwijls aan te pas komen, en een goede planning van etensvoorraden.

zondag 12 mei 2019

Nieuwe etappe

Vandaag is Andoni terug vertrokken voor een volgende etappe in Noord America


zaterdag 18 augustus 2018

Dag 9/28 nabij Sjimanovsk

Ik zal toch een flink deel van de transsiberische spoorlijn met de trein (moeten) doen. Het noodlot, of noem het voor mijn part mijn lompigheid, sloeg gisteren ochtend toe.
Ik was heel vroeg vertrokken voor een lange rit, waarbij in de namiddag regen voorspeld werd. Rond 7.30 u, na een 30-tal km op een brede spiegelgladde asfaltbaan zonder enig verkeer, keek ik even opzij naar het landschap en week ongemerkt af richting vangrail aan mijn rechterkant. Doordat mijn fiets met de fietszakken voor en achter nogal breed is zat ik er eventjes tegen, genoeg om mij uit balans te brengen en te doen vallen.
Het fietsen ging daarna nog betrekkelijk pijnvrij, maar elke keer ik even stopte voelde ik dat het niet in orde was.
Na 97 km kwam ik aan een hotelletje op 5 km van het stadje Sjimanovsk. De eigenaar trok zich mijn lot heel erg aan, en reed na het middageten met mij naar het ziekenhuis. Het verdict viel snel en onverbiddelijk: sleutelbeenbreuk, en de dwingende raad mijn schouder te immobiliseren. Dus niet meer fietsen.
Terug in het hotel checkte ik voor alle zekerheid in de dokterspraktijk waarbij ik aangesloten ben en bij vriend-dokter Wim, en de conclusie was onontkoombaar: gedaan met fietsen voor een week of 6.
Hoeveel keer ik gevloekt heb kan ik niet tellen. Ik was super in vorm, en had al meer dan 2500 van de 4000 km afgetrapt. En vooral: de rest van de route was iets meer bewoond, met regelmatiger hotelletjes.
Maar ja, niets aan te doen. Deze ochtend reden we naar het station voor een ticket Sjimanovsk-Vladivostok. De eerste trein, waar nog plaats op is, rijdt pas over drie dagen, op dinsdagochtend 5 u. Hij komt 26 u later aan in Vladivostok, en om 13.55 vlieg ik naar huis.
Dat dit de tweede opeenvolgende keer is dat ik naar het einde toe voortijdig moet stoppen zit me heel hoog. Maar het brengt mij niet van mijn toekomstige plannen af... Heel de winter tijd om daarover na te denken.

woensdag 15 augustus 2018

Dag 9/25 Tygda

Toch maar wijselijk de 15 extra kilometers uitgeweken naar het dorp Tygda. Ik was op de grote baan al een 30-tal km aan het uitkijken naar een kampeerplek, maar er was helemaal niets dat ook maar in de buurt kwam. Deze streek is buitengewoon moerassig.
De directrice van de school bracht mij naar een crèche waar ik op mijn eigen matrasje kan slapen. Er staat wel eten klaar, en ik kan douchen. Luxueuzer dan kamperen dus!
Volgens haar echtgenoot wordt het binnen een 200 km droger. Laat ons hopen, want anders moet ik van hotel naar hotel fietsen ongeacht de afstand, en dat kan wel eens lelijk tegenvallen.
In de dorpen hier staan veel mooie houten huizen, die wel allemaal wat onderhoud kunnen gebruiken.

dinsdag 14 augustus 2018

Dag 9/24 Gonzja

Vandaag het vertrek deze ochtend tot 13 u onophoudelijk in de gietende regen gefietst. Dan kwam de opklaring, die voor veel vroeger beloofd was, en reed ik nog een 40-tal km om een kampeerplek te zoeken in Gonzja, een dorp dat voor de verandering vlak bij de grote baan lag.
Terwijl ik aan het eind van het dorp mijn tent aan het opzetten was kwam een vriendelijke vrouw vragen of ik niet bij haar thuis wilde slapen. Daar moest ik niet lang over nadenken.
Olga is 70 en weduwe. Zij heeft ook al een zoon verloren, verdronken in een vijver vlakbij toen hij al een jaar of 15 was. Zij gaf les geschiedenis op de dorpsschool.
Tijdens de heerlijke maaltijd stookte zij haar bania heet, zoals ze de sauna hier noemen. In een houtkacheltje wordt langs buiten hout verbrand. Binnen staat er een grote ketel heet water op en een hoop grote stenen. Ernaast een ketel koud water. Warm en koud water meng je zelf naar believen in een grote teil, en dat giet je met een steelpan over jezelf. Fantastisch gewoon! In Tajikistan en Kirgizstan heb ik daar voor het eerst mee kennis gemaakt.
Terwijl ik in de bania zat belde Olga naar vrienden die verder op mijn route wonen. Als ik wil kan ik in Tygda, 100 km van hier, in de dorpsschool slapen. Daar is ook een douche, en voor eten zal gezorgd worden. Toch denk ik dat ik dat niet ga doen, want Tygda ligt 15 km van de baan en allicht is de weg ernaartoe niet geasfalteerd. En overmorgen moet ik dan diezelfde 15 km nog eens doen om weer op de grote baan te geraken.
80 km verder is Sivaki dat slechts een 8-tal km van de baan ligt, maar haar vriendin die daar woont is momenteel in Moskou. Heel spijtig.
Op de foto staan naast Olga ook een buurvrouw en Sacha, een buurjongen.

maandag 13 augustus 2018

Dag 9/23 nabij Never

Ik ben nu in de helft, zowel van het aantal dagen als van de afstand. Mooi op schema dus. Het heeft mij wel wat tijd gekost om aan het reizen in Siberië te wennen. Uiteindelijk vind ik het lastiger dan Mongolië, ondanks de geasfalteerde baan waar ik over rijd. De omstandigheden om te kamperen zijn gewoon moeilijk.
Ik rijd al een dag of 5 parallel met de Chinees-Russische grens die hier in vogelvlucht een 50-tal km vandaan loopt. Dat gaat nog een hele tijd zo verder. Het wordt vanaf nu minder bergachtig, en de volgende1000 km liggen in het stroomgebied van de Amur-rivier. Dat is lager gelegen, en op de kaart zijn vele stukken ingekleurd als moerasgebied. Het wordt dus nog drassiger...
Ik zal allicht in plaats van wild te kamperen de dorpen moeten opzoeken en aan de mensen vragen of ik bij hen op een droge plek mag gaan staan.
Voor morgen wordt weer wat regen voorspeld, en tegenwind.

Dag 9/22

Twee leuke ontmoetingen:
- gisteren ochtend kwam ik uit mijn tent aan een rivier bij een dorp, en ik zag dat er nog een tent stond. Dat bleek Dmitrij te zijn uit Vladivostok, van Moskou met autostop onderweg naar huis en aangekomen toen ik al sliep. Zijn ouders wonen in een dorp 450 km ten noorden van Vladivostok waar ik zal langs fietsen. Hij gaat daar waarschijnlijk ook zijn, en verwacht mij.
- deze ochtend werd ik voorbijgestoken door een motard, die wat verder stopte en mij tegenhield voor een babbel. Viktor, een moto-garagist, moest nog 700 km tot thuis, en hoopte dat ik kwam logeren.

Het verkeer blijft bijzonder rustig. Ik heb tijdens het fietsen een kwartier lang geteld: in de twee richtingen samen 10 auto's en 5 camions. Bijna alle chauffeurs houden voldoende afstand van mij. Omdat het asfalt heel behoorlijk is kan ik probleemloos zonder helm rijden.
De baan is heel mooi aangelegd. Hij is bijna constant verhoogd, en aan weerskanten afgeboord door een gracht waar vaak water in loopt. Dat maakt het dichte bos nog ontoegankelijker. Om de paar honderd meter lopen metershoge buizen onder de baan door om het water van de bergkant naar de dalkant te laten lopen.
Ik rijd de hele tijd door bos, dat bestaat uit een mengsel van loof- en naaldbomen. Die zijn opvallend vaak in heel slechte toestand, en vertonen dikwijls sporen van bosbrand.
Vandaag zag ik in de verte, op 7 km van de weg, een klein stadje liggen. Om ernaartoe te rijden was er een stenige zandweg. Dat moedigt natuurlijk niet aan, en omdat ik nog voldoende voorraad had reed ik door.
Andere dorpen, die op de kaart staan, zijn soms niet meer dan een stopplaats van de transsiberische spoorlijn, zonder dat er een huis in de buurt is. Geen idee wat daar het nut van zou kunnen zijn.

Het is nu al drie dagen mooi weer. Ik heb al een paar keer in een riviertje gezeten.
Ik heb al op heel verschillende plekken gekampeerd. Nu zit ik aan een beek, half onder een brug van de baan. Ik vond niets beters, en ik kan plonsen in het koele water. Hopelijk houden de camions die af en toe over de brug rijden mij vannacht niet wakker.

Op een van de foto's de transsiberische spoorlijn. Die is nooit verder weg dan 20 km, maar ik krijg hem maar zelden te zien. Er rijden vooral goederentreinen over. Die zijn ongelooflijk lang en worden standaard getrokken door drie locomotieven. Ik heb de wagons eens geteld en kwam aan 101. Aan een lengte van zo'n 12 à 15 meter zijn die treinen dus tegen de anderhalve km lang.