Rustdag in een prachtig kader. Het is hier muisstil. In de loop van de dag kwamen er dreigende wolken die sneeuw aankondigen in de omringende bergen. Hopelijk blijven we daar morgen van gespaard. Maar vooral: hopelijk kan ik eindelijk eens beter slapen. Ik voel dat ik niet veel reserves meer heb.
Onze gastvrouw bakt het brood buiten in een primitieve voorverwarmde oven door de platte deegschijven met thee te bevochtigen en ze dan tegen de hete wand te plakken.
donderdag 6 oktober 2016
Dag 7/39 Karakul
woensdag 5 oktober 2016
Dag 7/38 Karakul
Wat een nacht alweer. We lagen met zijn negenen in de woonkamer, waar ook een kacheltje had gebrand. Veel zuurstof was er dus niet. Tussendoor een huilende baby. Weinig of niet geslapen.
Omdat we vlak onder de pas overnachtten konden we de dag beginnen met de laatste 4 km van de beklimming. De zwaarste 4 van mijn leven: hoog stijgingspercentage, rotslechte weg, maar vooral het gebrek aan zuurstof waardoor we heel vaak moesten stoppen tot we weer min of meer normaal konden ademen. Eenmaal boven was de voldoening echter immens. Ik ben in mijn leven nog nooit zo hoog geweest.
De daaropvolgende 20 km gingen hoofdzakelijk over 'washboard', dikke dwarse ribbels op regelmatige afstand. Dat is de ergste wegbedekking. Er is geen enkele goede snelheid om er over te rijden, en zowel fiets als fietser worden ongelooflijk door elkaar gerammeld. Daarop volgde eindelijk aanvaardbaar asfalt.
We hebben vandaag onderweg maar een paar auto's gezien.
Door de weeral opkomende tegenwind waren we allebei volkomen van de kaart als we in het dorpje Karakul aankwamen. We vonden daar een allersympathiekste homestay.
We gaan hier een dag blijven om terug op krachten te komen, maar vooral om van het fantastische kader te genieten: Karakul ligt aan het gelijknamige meer, omgeven door besneeuwde bergen. China en Kirgistan zijn vlakbij. We reden gisteren en vandaag trouwens lang naast de prikkeldraadversperring waarachter een neutrale zone Tajikistan en China scheidt.
Dag 7/37 vlak bij de Ak-Baital pas
Toen ik uit België vertrok was mijn idee dat ik ook in het hoge deel van de Pamir Highway vaak zou kamperen. Ik heb dan ook een hele winteruitrusting mee (grotendeels geleend van schoonbroer Luc), van thermisch ondergoed over donzen superslaapzak tot reddingsdeken. Wist ik veel hoe het hier in oktober is...
Uiteindelijk vertrok ik toch met alleen Thomas, want de anderen wilden een extra dag in Murghab blijven.
Met zijn tweeën klommen we vandaag van Murghab de hele dag richting Ak-Baital pas, met een almaar feller en kouder wordende tegenwind, maar wel in een stralende zon. Kamperen was gewoon uitgesloten, want om 15 u was de temperatuur al gezakt tot 7 °C, en 's nachts vriest het hier tot -15 °C. Met deze wind zou ik mijn tent zelfs niet opgezet krijgen. Ik hoorde het verhaal van een Japanner, wiens tent inclusief slaapgerief hier gewoon wegvloog. Je moet hier geweest zijn om het je te kunnen inbeelden.
We wisten dat er op 4 km van de pas een huis staat, maar we waren niet zeker of het bewoond was. Dat was onze laatste kans, want het alternatief was de pas oversteken en dan een heel zware afdaling doen tot een karavanserai, waar we een beetje (koude) beschutting zouden hebben tegen de wind. Maar we waren al zo moe...
Gelukkig is het huis bewoond door een koppel met 5 kleine kinderen, en waren we welkom om binnen te slapen. Opgelucht dat ik was!
We slapen dus op 4430 m hoogte, wat de kwaliteit van de slaap niet zal verbeteren.
maandag 3 oktober 2016
Dag 7/36 Murghab
Heel de nacht wakker gelegen door de kortademigheid, en ik voel het. Hopelijk slaap ik volgende nacht beter, want we zouden morgen met een klein groepje vertrekken: Thomas de Sloveen, Tim en Jess uit Engeland, en Cyrille uit Nederland.
Murghab heeft een einde-van-de-wereld atmosfeer. De foto's tonen de bazaar, een stoffige straat met aan weerszijden containers waarin vanalles verkocht wordt.
zondag 2 oktober 2016
Dag 7/35 Murghab
Een dag kan soms raar verlopen. De eerste 70 oostwaartse km, inclusief een col, hadden we furieuze rugwind. Zelden meegemaakt. We werden letterlijk over de col gedragen.
Dan kwam een 90° bocht naar het noorden, en op slag moesten we vechten als de beesten om vooruit te geraken. Het weer werd dreigend, en er viel zelfs wat regen. De resterende 35 km werden daardoor heel zwaar, en ik kwam uitgeput in Murghab aan.
Het landschap onderweg was buitenaards mooi.
Thomas en ik hebben besloten hier een rustdag in te lassen voor we de kers op de taart van de Pamir Highway aanvatten: de 4655 m hoge Ak-Baital pas.
Dag 7/34 Alichur
Bijzonder zware rit met twee serieuze cols van meer dan 4000 m hoog, samen meer dan 1000 stijgmeters. En net in die beklimmingen was er geen asfalt. Gelukkig was er tussen beide welgeteld 1 huis, waar de bewoners (twee vrouwen) ons met gebaren uitnodigden op hete thee.
Voorbij die cols kwamen we in de hoge Pamir, een maanlandschap met bijna geen begroeiing. Onderweg passeerden we een paar zoute meren. We zijn nu in een lange en brede vallei met aan weerszijden hoge bergen.
In Alichur is geen elektriciteit, water wordt gehaald aan een handpomp midden in het dorp. We verblijven in een homestay, waarvan de eigenaar een beetje Engels spreekt. Om te kamperen is er teveel wind en koude. Maar binnen een paar dagen zullen we wel moeten...
In de winter kan de temperatuur hier zakken tot -50 °C. Verwarmen doen ze door gedroogde mest te verbranden.
Het avondeten dat we kregen was, alles in acht genomen, bijzonder lekker. Douchen konden we in een met een kacheltje verwarmd kamertje door kokend en koud water naar believen te mengen in een emmer en dan met een pollepel over ons te gieten. Zo simpel kan het zijn. Heerlijk!
Ik slaap nog steeds slecht door de hoogte, maar overdag heb ik van de hoogte geen last, ook niet bij het klimmen.
Morgen een dikke 100 km naar Murghab, het centrum van de oostelijke Pamir. Onderweg is er geen bewoning, water voor de hele dag moeten we meenemen.
donderdag 29 september 2016
Dag 7/33 Jelondy
Wat een nacht. Ik was de hele tijd kortademig door de hoogte, en ik heb amper een oog dichtgedaan.
Vanaf hier moet ik nog een 800 m klimmen naar de eerste vierduizender col (Koitezek, 4272 m), en die klim met de daaropvolgende afdaling zijn niet geasfalteerd. Daarna een tweede col, en dan op en af tot Alichur (3900 m). Alles bijeen een 85 km in volstrekt verlaten gebied, waarvan een 50-tal op asfalt.
Het lijkt me geen goed idee dat vandaag te doen, vooral omdat ik dan 400 m hoger eindig dan waar ik nu al ben. Gelukkig is tijdens het fietsen het zuurstoftekort minder problematisch dan bij het slapen.
Ik zal mezelf goed moeten observeren en zonodig de medicatie tegen hoogteziekte nemen die ik bijheb.
Terwijl ik aan het middageten ben komt Thomas aan, een jonge Sloveen die ik ik Korogh heb leren kennen. We besluiten vanaf morgen samen te rijden. Voor de bewoningloze ritten tot Murghab is het leuk gezelschap te hebben. Ook na Murghab is er tot Sary-Tash in Kirgistan heel weinig bewoning, maar in Murghab zou ik graag op Alberto en compagnie wachten, als dat wachten niet te lang duurt.
Op de foto, genomen tijdens een namiddagwandeling, het dorp Jelondy vanuit de hoogte. Thomas vertelde dat om aan de hoogte te wennen je beter niet gewoon rust (wat mijn plan was), maar een paar honderd meter klimt en weer daalt.


